OpenAI stopt met zijn AI-videotool Sora omdat het geen levensvatbaar businessmodel bleek. De les voor ondernemers is duidelijk: een technologisch hoogstandje is niet genoeg; je moet ook weten hoe je er geld mee kunt verdienen en of het past in je langetermijnstrategie.
Wat er aan de hand is
OpenAI, bekend van ChatGPT, trekt na twee jaar de stekker uit Sora, zijn programma voor het maken van realistische AI-video’s. Het bedrijf bracht nog in september een verbeterde versie uit en lanceerde een bijbehorende sociale app om de mogelijkheden te tonen, zoals het plaatsen van jezelf in AI-gegenereerde situaties. Hoewel de app officieel nooit in Nederland uitgebracht werd, konden gebruikers hem wel proberen. De aankondiging volgt kort op een artikel van OpenAI over Sora’s mogelijkheden en beperkingen en komt na eerdere berichten over een mogelijke deal met Disney. Volgens techjournalist Alex Heath in zijn nieuwsbrief heeft de beslissing te maken met de enorme rekenkracht die videogeneratie kost. Elke computerchip die daarvoor gebruikt wordt, kan niet ingezet worden voor de ontwikkeling van andere, mogelijk strategisch belangrijkere AI-programma’s van het bedrijf.
Wat dit betekent
De stopzetting van Sora is een signaal voor de hele AI-markt, vooral voor het MKB dat met innovatie bezig is. Het toont aan dat zelfs een bedrijf met de middelen en bekendheid van OpenAI moeite kan hebben om een ‘cool’ product om te zetten in een winstgevende dienst. Voor ondernemers betekent dit dat de focus niet alleen op technische mogelijkheden moet liggen, maar minstens zo sterk op het verdienmodel en de strategische fit. Het nieuws bevestigt ook de volatiliteit van de AI-toolmarkt: Nederlandse videomakers die onder de indruk waren van Sora, zijn inmiddels alweer doorgegaan met andere programma’s. Voor bedrijven die afhankelijk zijn van specifieke AI-tools, is dit een waarschuwing voor vendor lock-in en het risico dat een dienst plotseling verdwijnt.
Hoe je dit kunt toepassen
De praktische les van Sora’s stopzetting gaat over strategische keuzes en risicomanagement bij het adopteren van AI.
Als je overweegt een nieuwe AI-tool in je bedrijfsprocessen te integreren… vraag je dan niet alleen af of het technisch indrukwekkend is, maar vooral of de aanbieder een duidelijk verdienmodel heeft. Een tool die gratis of spotgoedkoop is, kan een groter risico op discontinuïteit vormen. Overweeg om te investeren in tools van partijen met een duidelijke, duurzame inkomstenstroom uit hun kernproduct.
Als je een creatief bedrijf runt en afhankelijk bent van AI-videogeneratie… zet dan niet al je kaarten op één leverancier. De ervaring van de Nederlandse videomakers laat zien dat het verstandig is om meerdere tools te kunnen gebruiken. Zorg dat je workflows zo zijn ingericht dat je relatief eenvoudig kunt overschakelen als een bepaalde dienst stopt of achterhaald raakt.
Als je zelf een product of dienst ontwikkelt rond een nieuwe technologie… gebruik Sora als casus in je strategiebesprekingen. Vraag je team expliciet: “Past dit in onze kernstrategie zoals ChatGPT past bij OpenAI, of is het een zijspoor zoals Sora?” Een mogelijkheid is om innovaties eerst als experiment of proof-of-concept te lanceren, voordat je er grote infrastructuur- en ontwikkelingskosten aan verbindt.
Als je budget moet vrijmaken voor AI-investeringen… weeg dan de ‘wow-factor’ af tegen de langetermijnwaarde. Richt je middelen bij voorkeur op AI-toepassingen die direct bijdragen aan je primaire verdienmodel of operationele efficiëntie, in plaats van op marginale innovaties die vooral voor de bühne zijn.
Bron: NOS