De manier waarop potentiële klanten jouw bedrijf vinden, verandert. Waar je tot nu toe schreef voor Google’s algoritme, schrijf je straks voor AI-modellen zoals ChatGPT, Google AI Overviews en Perplexity. Dit heet Generative Engine Optimization (GEO) en het vereist een andere contentstrategie dan traditionele SEO.

Wat er aan de hand is

Contentmarketeurs en B2B-bedrijven moeten hun aanpak aanpassen nu AI-zoekmachines een steeds grotere rol spelen in hoe informatie wordt gevonden. Waar traditionele SEO draait om zoekwoorden, backlinks en technische optimalisatie, draait GEO om het leveren van antwoorden die AI-modellen direct kunnen gebruiken. Uit onderzoek en praktijkervaringen blijkt dat AI-zoekmachines zoals ChatGPT, Google AI Overviews (voorheen SGE) en Perplexity andere content prefereren dan Google’s reguliere zoekresultaten. Volgens Marketingfacts verschuift de focus van ‘rankings’ naar ‘citations’: het aantal keren dat jouw content wordt aangehaald als bron in een AI-antwoord.

Wat dit betekent

Voor B2B-ondernemers betekent deze verschuiving dat je niet langer alleen concurreert op positie in een lijstje, maar op de kwaliteit en autoriteit van je antwoorden. AI-modellen selecteren bronnen op basis van duidelijkheid, structuur en betrouwbaarheid, niet op domeinautoriteit of backlinkprofiel alleen. Dit opent kansen voor kleinere spelers met diepgaande, goed gestructureerde kennis. Tegelijkertijd betekent het dat generieke, oppervlakkige content minder kans maakt om geciteerd te worden. Vooral in B2B-markten, waar aankoopbeslissingen complex zijn en veel onderzoek vergen, wordt het cruciaal om de juiste vragen te beantwoorden op de manier waarop AI die begrijpt.

Hoe je dit kunt toepassen

Als je een B2B-website beheert met technische producten of diensten, overweeg om je content te structureren rond duidelijke vragen en antwoorden. AI-modellen halen informatie het liefst uit gestructureerde data zoals FAQ-secties, how-to-gidsen en stappenplannen. Een mogelijkheid is om per productpagina een blok met ‘veelgestelde vragen’ toe te voegen, waarbij je elk antwoord in maximaal drie zinnen formuleert. Dit vergroot de kans dat ChatGPT of Perplexity jouw tekst als bron gebruikt.

Als je blogartikelen schrijft voor een B2B-doelgroep, kun je experimenteren met een omgekeerde piramidestructuur: begin met het antwoord, geef dan context en details. AI-modellen lezen vaak alleen de eerste alinea’s van een artikel. Door je kernboodschap direct in de openingszin te zetten, maak je het voor AI makkelijker om jouw content te citeren. Een optie is om elk artikel te openen met een ‘samenvatting in één zin’, gevolgd door een korte uitleg.

Als je concurrentieanalyse doet voor je contentstrategie, kun je tools zoals Perplexity gebruiken om te zien welke bronnen AI noemt bij jouw belangrijkste zoektermen. Voer een aantal kernvragen in die jouw klanten stellen en noteer welke websites worden aangehaald. Dit geeft je direct inzicht in welke contentstructuur en welk detailniveau AI waardeert. Je zou kunnen overwegen om je eigen content aan te passen op basis van deze ‘AI-concurrentieanalyse’.

Als je whitepapers of diepgaande rapporten publiceert, zorg dan dat je een aparte, beknopte samenvatting toevoegt die los van het document kan worden gelezen. AI-modellen halen vaak informatie uit de inleiding of samenvatting van een lang document. Door een ‘executive summary’ van maximaal 200 woorden te schrijven die alle kerncijfers en conclusies bevat, maak je het voor AI eenvoudig om jouw onderzoek te gebruiken. Een mogelijkheid is om deze samenvatting ook als aparte pagina op je site te plaatsen.

Als je een team aanstuurt dat content produceert, overweeg om een interne richtlijn op te stellen voor ‘AI-vriendelijk schrijven’. Dit betekent: korte zinnen, duidelijke kopjes, geen jargon zonder uitleg, en het vermijden van vage marketingtaal. AI-modellen hebben moeite met impliciete claims en metaforen. Door expliciet te zijn in je bewoordingen, vergroot je de kans dat je content wordt geciteerd. Een optie is om een checklist te maken met punten als ‘begint elk antwoord met het directe antwoord?’ en ‘staat het belangrijkste feit in de eerste alinea?’.

Bron: Marketingfacts