De recente berichten over AI-bedrijven die hun ethische principes aanpassen voor grote overheidscontracten, zoals het Pentagon, zijn niet alleen een ver-van-mijn-bed-show. Het raakt de kern van een praktisch dilemma voor elke ondernemer die AI-tools gebruikt: op wiens ethische kompas vaar je eigenlijk? Wanneer een leverancier zijn eigen regels kan buigen voor een lucratieve klant, wordt het extra belangrijk dat je zelf duidelijke grenzen bepaalt voor hoe je AI inzet.

Waarom jouw eigen kader nu belangrijker is dan ooit

Het nieuws toont aan dat de principes van een leverancier niet in steen gebeiteld zijn. Een bedrijf kan vandaag zeggen “wij staan niet toe dat onze technologie wordt gebruikt voor massa-surveillance” en dat morgen, onder bepaalde voorwaarden en voor bepaalde klanten, herzien. Jij bent als gebruiker dan overgeleverd aan die verschuivende interpretatie. Jouw verantwoordelijkheid voor hoe je de tool inzet, blijft echter altijd bij jou liggen. Het is daarom verstandig niet blind te varen op het beleid van de leverancier, maar een eigen, intern kader te hebben.

Stel praktische vragen voor je een AI-tool adopteert

Voordat je een AI-tool of -dienst integreert in je bedrijfsprocessen, kun je verder kijken dan alleen de prijs en functionaliteiten. Stel de leverancier, of onderzoek zelf, concrete vragen. Voor welk soort gebruik is de tool primair ontworpen? Zijn er gebruiksscenario’s die expliciet verboden zijn in de servicevoorwaarden? Hoe transparant is het bedrijf over wie hun klanten zijn en voor welke doeleinden het wordt ingezet? Dit soort due diligence helpt je om in te schatten of de waarden van de leverancier in de buurt komen van die van jouw bedrijf.

De kern: definieer je eigen rode lijnen

De ultieme verantwoordelijkheid ligt bij jou. Welke toepassingen vind jij ontoelaatbaar? Dit hoeft geen uitgebreid filosofisch manifest te zijn. Denk aan praktische, interne richtlijnen. Bijvoorbeeld: “Wij gebruiken AI niet om sollicitanten automatisch te screenen op gevoelige persoonlijke kenmerken.” Of: “Wij zetten geen generative AI in om misleidende marketingcontent te maken.” Door deze grenzen voor jezelf vast te leggen, creëer je een filter. Een tool die vooral lijkt te excelleren in toepassingen die jouw rode lijnen raken, is dan waarschijnlijk niet de juiste keuze, ongeacht wat de leverancier zegt.

Hoe kun je dit vandaag toepassen?

Plan een kort intern overleg met je team of collega’s. Bespreek niet alleen welke AI-tools handig zijn, maar ook waar jullie absoluut geen AI voor willen inzetten. Schrijf twee of drie eenvoudige, concrete “rode lijnen” op en neem deze mee in je volgende evaluatie van een tool of dienst. Dit kost weinig tijd, maar maakt je keuzes bewuster en minder afhankelijk van de wisselende principes van grote techbedrijven.

Bron: The Verge