Europa produceert succesvolle AI-startups, maar op het moment dat ze echt groot moeten worden, stromen de miljarden en de strategische controle vaak naar Amerikaanse investeerders. Dat blijkt uit een nieuw rapport van Dealroom en Prosus. Voor Nederlandse ondernemers die een AI-bedrijf willen bouwen, betekent dit een fundamentele uitdaging: hoe houd je de regie als je moet opschalen?
De vicieuze cirkel van Europese AI
Het rapport State of AI in Europe 2026 schetst een bekend maar hardnekkig patroon. Europa fungeert als een uitstekende broedplaats. De kennis is er, de patenten worden aangevraagd en de eerste financiering voor vroege ideeën is ruimschoots voorhanden. In 2025 stroomde er 21,8 miljard dollar naar Europese AI-startups, een stijging van 58 procent ten opzichte van het jaar ervoor. AI is inmiddels goed voor meer dan 30 procent van al het Europese investeringskapitaal.
Het probleem ontstaat in de zogenaamde break-out-fase, het moment waarop een bedrijf moet versnellen en opschalen naar een wereldspeler. In die fase loopt Europa volgens het rapport een factor drie tot negen achter op de Verenigde Staten. Van het late-stage kapitaal dat naar Europese AI-bedrijven vloeit, is 58 procent afkomstig van buitenlandse, voornamelijk Amerikaanse, geldschieters. Het gevolg is dat de financiële waardecreatie, en daarmee de strategische zeggenschap, het continent verlaat zodra bedrijven echt doorbreken.
Praktische gevolgen voor oprichters
Dit is geen abstract probleem. Het heeft directe gevolgen voor de keuzes die Europese oprichters moeten maken. Een voorbeeld uit het rapport is het Nederlandse General Intuition, dat 115 miljoen euro ophaalde bij voornamelijk Amerikaanse investeerders en een overnamebod van OpenAI ter waarde van 500 miljoen dollar afsloeg. Het bedrijf blijft vooralsnog Europees, maar de vraag is voor hoe lang. Een ander voorbeeld is de Oostenrijkse ontwikkelaar van OpenClaw, Peter Steinberger, die bij OpenAI is gaan werken omdat hij zijn ambities niet in Europa kon waarmaken.
Voor een Nederlandse ondernemer die een AI-bedrijf begint, vertaalt dit zich naar een cruciaal strategisch vraagstuk. Je kunt een goed product bouwen en eerste financiering vinden, maar je groeipad wordt grotendeels bepaald door de beschikbaarheid van laatstadiumskapitaal. Als dat vooral uit de VS komt, kan dat invloed hebben op waar het bedrijf gevestigd wordt, waar de intellectuele eigendom blijft en welke strategische richting wordt ingeslagen.
Hoe kun je dit vandaag toepassen?
Als je een AI-startup overweegt of runt, is een mogelijke stap om je financieringsstrategie vanaf dag één te plannen met het late-stadium in gedachten. Je zou kunnen onderzoeken of er Europese investeerders zijn die specifiek gericht zijn op het begeleiden van bedrijven door deze break-out-fase, om zo de afhankelijkheid van buitenlands kapitaal te beperken. Een andere optie is om het voorbeeld van General Intuition te bestuderen en te kijken hoe zij, ondanks Amerikaanse investeringen, de Europese identiteit en controle proberen te behouden.
De toepassingen in dit artikel zijn suggesties op basis van het bronartikel, geen gevalideerd advies.
Bron: Emerce