Je jonge medewerkers komen wekelijks met AI-voorstellen, maar hoe zorg je dat die ideeën niet leiden tot chaos of veiligheidsrisico’s? Ingrid van Tienen, directeur van Ormit Talent Nederland, heeft gemiddeld honderd 25-jarigen in huis en krijgt elke week nieuwe voorstellen over AI-tools. Haar aanpak biedt concrete lessen voor ondernemers die de AI-energie van Gen Z willen benutten zonder de controle te verliezen.

Wat er aan de hand is

Toen generatieve AI opkwam, vroeg Van Tienen haar jonge medewerkers actief om hulp. Ze organiseerden workshops om het bedrijf vertrouwd te maken met AI. Inmiddels sluipt AI alle processen binnen bij Ormit Talent, via Microsoft Copilot, ChatGPT en zelfgebouwde AI-agents. De focus ligt op ondersteuning van routinematig werk en efficiëntie. Maar Van Tienen let scherp op welke systemen worden gebruikt: taalmodellen waar niet voor betaald wordt, zijn een risico omdat medewerkers er bij opdrachtgevers niet mee kunnen aankomen.

Wat dit betekent

Voor MKB-ondernemers is dit een herkenbaar spanningsveld. Jonge medewerkers hebben vaak goede ideeën over AI, maar zonder duidelijke kaders ontstaan er risico’s op het gebied van privacy, kosten en professionele uitstraling. Van Tienen vergelijkt het aansturen van AI met het aansturen van een junior medewerker: je moet heel duidelijk zijn over context en verwachtingen, maar daarna niet gaan micromanagen. De output van AI verrast haar regelmatig — van persoonlijkheidsprofielen tot ‘creepy’ gedetailleerde analyses van gesprekspartners. Ze checkt altijd kritisch wat eruit komt, maar merkt dat de inschattingen vaak niet eens verkeerd zijn.

Hoe je dit kunt toepassen

Als je een team met jonge medewerkers aanstuurt, kun je een wekelijks AI-voorstellenmoment inplannen. Laat ze hun ideeën presenteren, maar stel twee harde voorwaarden: het moet een betaalde, veilige tool zijn en de output moet altijd worden gecontroleerd. Zoals Van Tienen zegt: taalmodellen waar niet voor wordt betaald, zijn een risico. Je zou kunnen afspreken dat elk voorstel eerst wordt getest in een aparte omgeving, zonder echte klantdata.

Als je zelf AI wilt inzetten voor routinematig werk, kun je beginnen met één concreet proces, zoals het opstellen van offertes of het samenvatten van notulen. Geef je medewerkers de opdracht om een prompt te schrijven die precies beschrijft wat de context is en wat het resultaat moet zijn. Van Tienen benadrukt dat duidelijke kaders essentieel zijn, zowel bij het aansturen van mensen als van AI. Een optie is om een vaste prompt-sjabloon te maken die iedereen gebruikt.

Als je bang bent dat AI te veel vrijheid geeft, kun je een ‘AI-gedragscode’ opstellen met je team. Bespreek samen welke tools wel en niet mogen worden gebruikt, en waar de grenzen liggen bij het invoeren van klantinformatie. Van Tienen checkt zelf altijd kritisch wat AI oplevert, en dat kun je ook van je medewerkers vragen. Overweeg om een maandelijkse ‘AI-reviewsessie’ in te plannen waarin jullie bespreken wat goed ging en wat beter kan.

Als je AI ook als coach of klankbord wilt inzetten, wees je dan bewust van de beperkingen. Van Tienen ziet dat jongere generaties AI soms als een vriend of coach gebruiken, maar zijzelf gaat liever met echte mensen in gesprek. Je zou kunnen afspreken dat AI hooguit een eerste brainstormpartner is, maar dat beslissingen altijd met een mens worden getoetst. Dat voorkomt dat je blind vaart op een ‘creepy’ accurate maar ongenuanceerde analyse.

Bron: Sprout