Geen enkel groot AI-model houdt zich volledig aan de Europese wet- en regelgeving. Het best scorende systeem overtrad de wet in 46 procent van de getoetste gevallen, het slechtst presterende in 93 procent. Dat blijkt uit onderzoek van het Amsterdamse AI-onderzoeksinstituut Aithos. Voor jou als ondernemer betekent dit: als jij een AI-tool inzet, loop je een reëel risico op boetes tot 35 miljoen euro of 7 procent van je omzet. Het is daarom essentieel om te weten hoe je controleert of jouw tool voldoet aan de AI Act en de AVG.

Wat er aan de hand is

Aithos testte toonaangevende commerciële AI-modellen met hun instrument Lara (Legal Assessment for Real-world Agents). De toetsen zijn gebaseerd op tien fundamentele grondrechten uit de AVG en de EU AI-verordening. De resultaten zijn zorgwekkend: Google’s Gemini 3.1 Pro haalde slechts 10 procent wettelijke naleving, Gemini 2.5-pro 11 procent. Anthropic’s Claude-opus-4-7 scoorde het beste met circa 54 procent, gevolgd door OpenAI’s GPT-5.5 met 38 procent. Chinese modellen zoals Alibaba’s qwen3p6-plus en Moonshot AI’s kimi-k2p6 presteerden nog slechter.

De schendingen betreffen onder meer gegevensbescherming, manipulatie, emotieherkenning en psychologische profilering. Ook worden verplichtingen om menselijke supervisie toe te passen genegeerd. Belangrijk: bedrijven die AI-agents bouwen en op de markt brengen, dragen primair de wettelijke verantwoordelijkheid. Maar organisaties die zo’n agent vervolgens inzetten, zijn daarvoor eveneens aansprakelijk.

Wat dit betekent

Dit onderzoek laat zien dat de kans groot is dat de AI-tool die jij gebruikt, de wet overtreedt. Dat klinkt misschien abstract, maar de gevolgen zijn concreet. Overtreding van de EU AI-verordening kan leiden tot boetes van maximaal 35 miljoen euro of 7 procent van de wereldwijde omzet. Overtreding van de AVG kost maximaal twintig miljoen euro of 4 procent van de jaarlijkse omzet. Voor een MKB’er kan dat een flinke financiële klap zijn.

Daarnaast kan het gebruik van niet-compliant AI leiden tot reputatieschade, klachten van klanten of toezichthouders, en juridische procedures. Het is dus niet alleen een kwestie van ‘even afwachten’. Je moet actief controleren of jouw tools voldoen, vooral nu de handhaving van de AI Act steeds serieuzer wordt.

Hoe je dit kunt toepassen

Als je een AI-tool gebruikt voor klantcontact of marketing. Overweeg om een eenvoudige audit uit te voeren. Vraag je leverancier om een verklaring van naleving van de AI Act en de AVG. Vraag specifiek of het model getest is op verboden gedragingen zoals emotieherkenning of psychologische profilering. Als de leverancier geen duidelijk antwoord geeft, is dat een waarschuwingssignaal.

Als je een AI-agent inzet voor gegevensverwerking. Je zou kunnen controleren of de tool menselijke supervisie ondersteunt. De AI Act vereist dat risicovolle AI-systemen onder toezicht staan van een mens. Vraag je leverancier hoe je die supervisie kunt instellen. Een optie is om een logboek bij te houden van alle beslissingen die de AI neemt, zodat je achteraf kunt controleren of er iets misging.

Als je overweegt een nieuwe AI-tool aan te schaffen. Een mogelijkheid is om vooraf een checklist te maken op basis van de tien grondrechten uit het Aithos-onderzoek. Denk aan: beschermt de tool persoonsgegevens? Voorkomt het manipulatie van gebruikers? Past het menselijke supervisie toe? Vraag de leverancier om schriftelijke bevestiging op elk punt. Als dat niet lukt, overweeg dan een andere tool.

Als je een bestaande AI-tool al in gebruik hebt. Je zou kunnen starten met een risico-inventarisatie. Noteer welke gegevens de tool verwerkt, voor welke doeleinden, en of er sprake is van profilering. Vergelijk dat met de eisen uit de AVG en de AI Act. Als je twijfelt, schakel dan een juridisch adviseur in die gespecialiseerd is in AI-regelgeving. Die investering weegt op tegen een mogelijke boete.

Bron: Computable