OpenAI’s interne strategie om gebruikers te ‘verdedigen’ tegen concurrenten is een duidelijk teken dat de AI-markt volwassen wordt. Voor ondernemers betekent dit dat de focus van aanbieders verschuift van pure innovatie naar het binden van klanten, wat zowel kansen als risico’s met zich meebrengt voor de keuzevrijheid en kosten.

Wat er aan de hand is

OpenAI’s Chief Revenue Officer, Denise Dresser, stuurde afgelopen zondag een interne memo van vier pagina’s naar medewerkers over de strategische koers van het bedrijf. Het memo, ingezien door The Verge, benadrukt herhaaldelijk het belang van het bouwen van een ‘moat’ (een slotgracht) rondom haar AI-producten. Dit moet het gemak tegengaan waarmee gebruikers kunnen wisselen tussen welk model op een bepaalde dag of week bovenaan de ranglijsten staat. Dresser, die recentelijk veel taken van voormalig COO Brad Lightcap heeft overgenomen, benadrukt ook het belang van een focus op zakelijke klanten. Het memo volgt op een eerder rapport van OpenAI waarin het gebruikersgedrag van ChatGPT werd geanalyseerd.

Wat dit betekent

Deze interne focus op een ‘moat’ markeert een belangrijke fase in de AI-markt: de wilde groei en experimenteerfase maakt plaats voor een consolidatiefase waarin aanbieders marktaandeel willen consolideren en beschermen. Voor ondernemers en professionals vertaalt dit zich naar een aantal concrete verschuivingen. Ten eerste zal de concurrentie zich minder uiten in alleen maar betere modellen, en meer in prijs, service, integraties en gebruiksgemak. Ten tweede betekent de nadruk op enterprise-klanten dat de behoeften van grote bedrijven mogelijk meer sturend worden voor de ontwikkeling, wat kan ten koste gaan van features die specifiek waardevol zijn voor het MKB. Tot slot verandert de dynamiek van ’loyaliteit’: aanbieders zullen actiever proberen je aan hun ecosysteem te binden, wat je onderhandelingspositie kan versterken, maar ook het risico op ‘vendor lock-in’ vergroot.

Hoe je dit kunt toepassen

Deze strategische verschuiving bij een marktleider als OpenAI is een signaal om bewuster om te gaan met je keuze voor en gebruik van AI-tools. Het is niet langer vanzelfsprekend dat je met de stroom meegaat; een actieve houding loont.

Als je nu voornamelijk ChatGPT of de API van OpenAI gebruikt… is dit het moment om je afhankelijkheid kritisch te bekijken. Overweeg om een kleine, niet-kritieke workflow ook met een concurrerend model (zoals Claude van Anthropic, of een open-source alternatief via een platform als Together AI) te testen. Dit geeft je inzicht in de verschillen en creëert een praktisch alternatief, wat je onderhandelingspositie versterkt als prijzen stijgen of service verslechtert.

Als je een AI-tool overweegt te integreren in een kernproces van je bedrijf… zoals klantenservice of contentcreatie, weeg dan niet alleen de technische specificaties. Stel vragen over data-portabiliteit (kun je je prompts en trainingsdata eenvoudig meenemen?), de prijsstructuur op de lange termijn, en de roadmap van het bedrijf. Kies waar mogelijk voor tools die gebruikmaken van meerdere onderliggende modellen (multi-model platforms), zodat je minder afhankelijk bent van één leverancier.

Als je onderhandelt over een enterprise- of teamlicentie… gebruik dan de kennis dat leveranciers nu expliciet bezig zijn met het binden van klanten. Dit kan een troef zijn in onderhandelingen over prijs, service level agreements (SLA’s) of toegewijde support. Vraag naar loyaliteitskortingen voor langere contracten, maar wees terughoudend met het volledig vastleggen van je data of workflows in een gesloten systeem zonder exit-strategie.

De kern is dat de markt volwassener wordt, wat stabiliteit en betere service kan brengen, maar ook vraagt om meer strategisch inkoop- en IT-beheer. Door je niet te laten ‘insluiten’ maar bewust keuzes te maken, behoud je flexibiliteit en controle over je eigen digitale toekomst.

Bron: The Verge