De verschuiving van traditionele zoekmachines naar AI-assistenten zoals ChatGPT, Claude en Gemini dwingt merken om hun marketingstrategie fundamenteel te herzien. Het doel is niet langer alleen om bovenaan in Google te staan, maar om een betrouwbare, geautoriseerde bron te worden waar AI’s informatie uit putten.

Wat er aan de hand is

Grote merken en reclamebureaus experimenteren volop met wat ‘LLM-search’ of ‘AI-search’ wordt genoemd: het zoeken naar informatie via een gesprek met een AI-assistent in plaats van via een lijst met blauwe links. Volgens een artikel in Fast Company, gebaseerd op gesprekken met marketingdirecteuren (CMO’s) en bureaus, leidt dit tot concrete nieuwe rollen en strategieën binnen bedrijven. Een opvallende ontwikkeling is de opkomst van de ‘AIEO’ of ‘AI-evangelization Officer’, een functie die zich specifiek richt op het integreren van AI in alle bedrijfsprocessen en het voorbereiden van de merkpresentatie voor deze nieuwe kanalen. Daarnaast wordt ‘GEO’ (Generative Engine Optimization) genoemd als het nieuwe SEO: het optimaliseren van content zodat deze goed wordt begrepen en geciteerd door grote taalmodellen.

Wat dit betekent

Voor marketeers betekent dit een verschuiving van keyword-dichtheid naar autoriteit en context. AI-assistenten geven geen lijst met bronnen, maar een samengesteld antwoord. Om daarin voor te komen, moet je merk worden gezien als een primaire, betrouwbare bron. Dit raakt niet alleen de marketingafdeling, maar ook productinformatie, klantenservice en technische infrastructuur. De komst van een AIEO binnen grotere organisaties onderstreept dat dit een cross-departementale strategie wordt die budget en prioriteit nodig heeft. Voor kleinere bedrijven zonder dedicated rol betekent het dat iemand deze verantwoordelijkheid moet nemen. Het risico is groot: als je niet wordt ‘gezien’ door AI’s, verdwijn je uit een groeiend deel van de online zoekruimte.

Hoe je dit kunt toepassen

De praktische toepassing begint met het erkennen dat AI-search een ander spel is met andere regels. Hier zijn enkele concrete stappen, gebaseerd op de inzichten uit het artikel.

Als je een webshop of merkproducten verkoopt… richt je dan eerst op je eigen ‘digitale huis’. Zorg dat alle productinformatie, specificaties en veelgestelde vragen gestructureerd en up-to-date op je website staan, bij voorkeur in een duidelijk formaat zoals JSON-LD. AI’s scannen deze data om vragen van gebruikers te beantwoorden. Een incomplete of rommelige productpagina betekent dat een AI-assistent mogelijk naar een concurrent doorverwijst die wel volledige informatie biedt.

Als je een marketing- of communicatieteam aanstuurt… wijs dan iemand aan als ‘AI-aanspreekpunt’. Dit hoeft geen volledige AIEO-functie te zijn, maar wel iemand die de ontwikkelingen volgt en nadenkt over hoe jullie key content (zoals blogposts, whitepapers, handleidingen) zo geschreven kan worden dat het heldere, feitelijke antwoorden biedt op vragen in jouw domein. Test zelf regelmatig vragen in verschillende AI-assistenten om te zien of, en hoe, jouw merk wordt genoemd.

Als je een dienst verleent of expert bent in een niche… positioneer jezelf dan als autoriteit. Dit betekent: publiceer grondige, goed onderbouwde content die verder gaat dan oppervlakkige tips. AI’s waarderen diepgang en betrouwbaarheid. Overweeg om belangrijke publicaties of data ook aan te bieden via een API of een specifiek gedeelte voor ontwikkelaars, wat de kans vergroot dat AI-tools jou als primaire bron gebruiken.

Als je voor een groter bedrijf werkt waar processen trager zijn… gebruik de opkomst van de AIEO-functie bij grote merken als argument om het gesprek over AI-strategie op gang te brengen. Stel voor om een werkgroep of pilot te starten die onderzoekt hoe jullie bedrijfsinformatie AI-vriendelijker kan worden gemaakt, van persberichten tot technische documentatie.

De kern is om te stoppen met alleen te denken in menselijke bezoekers en te beginnen met het ‘voeden’ van de AI’s die voor hen zoeken. Het gaat niet om trucjes, maar om het structureel aanbieden van waardevolle, accurate informatie.

Bron: Fast Company