AI van bovenaf verplichten is vaak niet effectief. De kloof tussen bestuurders en de werkvloer is groot, waardoor opgelegde oplossingen vaak mislukken. Een bottom-up aanpak, waarbij medewerkers zelf experimenteren, levert sneller en beter bruikbare toepassingen op.
Wat er aan de hand is
De discussie over hoe je AI het beste kunt implementeren in een organisatie is in volle gang. Uit gesprekken met bestuurders blijkt volgens een column op Sprout een brede consensus dat een bottom-up benadering vaak beter werkt. De reden is simpel: bestuurders weten vaak niet waar op de werkvloer tijd wordt verspild of waar de grootste frustraties zitten die met automatisering op te lossen zijn. Slechts één op de zes Nederlandse werknemers geeft aan dat hun werkgever vraagt welke werkzaamheden met AI geautomatiseerd kunnen worden. Onder universitair opgeleiden wordt minder dan 25 procent om input gevraagd. Toch zijn er ook voorbeelden van een meer sturende aanpak, zoals bij softwarebedrijf Afas, waar bepaalde digitale werkwijzen worden afgedwongen om ruimte voor het nieuwe te maken.
Wat dit betekent
Voor ondernemers en leidinggevenden betekent dit dat de traditionele ‘command-and-control’ aanpak bij AI waarschijnlijk niet het gewenste resultaat oplevert. Als je als baas niet weet wat er speelt, is het opleggen van een tool zinloos. De komst van AI is juist een kans om die kloof te dichten en je meer te verdiepen in de dagelijkse praktijk van je team. Het betekent ook dat je mogelijk weerstand of traagheid ziet bij bepaalde groepen, zoals senior medewerkers die AI minder snel omarmen. Grote adviesbureaus zoals Accenture koppelen AI-gebruik daarom zelfs aan promoties, een trend die volgens kenners ook in andere sectoren zal opkomen. De kernvraag wordt niet of je AI moet implementeren, maar hoe je dat doet op een manier die aansluit bij je mensen.
Hoe je dit kunt toepassen
De praktische toepassing hangt af van jouw situatie. De kern is het vinden van een balans tussen richting geven en ruimte laten voor experiment.
Als je een klein team aanstuurt… Begin niet met het uitrollen van één specifieke AI-tool. Organiseer in plaats daarvan een werksessie waarin je vraagt: “Waar verspillen we met z’n allen de meeste tijd aan repetitieve taken?” Geef teamleden vervolgens de ruimte en een klein budget om één maand lang met een AI-oplossing naar keuze te experimenteren op dat pijnpunt. Het doel is leren, niet direct een perfect resultaat.
Als je merkt dat senior medewerkers achterblijven… Koppel AI-gebruik niet aan prestatiedruk, maar aan ervaring. Je zou kunnen vragen of een senior collega een junior wil begeleiden bij een AI-experiment. Zo wordt hun autoriteit erkend en zien ze de toegevoegde waarde via een ander. Een andere mogelijkheid is om succesverhalen van leeftijdsgenoten uit de sector te delen, om aan te tonen dat het geen ‘jongeren-ding’ is.
Als je een duidelijke digitale transformatie nodig hebt… Neem een voorbeeld aan de filosofie ‘hard op de inhoud, zacht op de mens’, zoals genoemd in het artikel. Je kunt een nieuwe, efficiëntere werkwijze met AI verplicht stellen (hard op de inhoud), maar investeer tegelijkertijd ruim in training, ondersteuning en het wegnemen van angst (zacht op de mens). Zo maak je veilig en slim werken, net als tweefactorauthenticatie, een vanzelfsprekendheid.
Als je als ondernemer zelf niet weet waar te beginnen… Gebruik AI dan als excuus om weer eens écht met je mensen te praten. Stel open vragen: “Als je morgen één saaie taak kon automatiseren, welke zou dat zijn?” of “Wat zou je meer tijd geven om aan onze kernzaak te werken?” Dit levert niet alleen input voor AI op, maar versterkt ook het vertrouwen en het gevoel van betrokkenheid.
Bron: Sprout