OpenAI stelt voor om belasting te heffen op geautomatiseerde arbeid, een zogenaamde ‘botbelasting’ of ’tokentaks’. Dit voorstel kan de kostenstructuur van AI-implementaties voor bedrijven veranderen, omdat de belastingdruk verschuift van menselijke arbeid naar kapitaal en automatisering.

Wat er aan de hand is

In een discussiedocument getiteld ‘Een industrieel beleid voor het tijdperk van Intelligentie’ doet OpenAI, het bedrijf achter ChatGPT, een reeks beleidssuggesties. Een van de meest opvallende is de oproep om belasting te heffen op geautomatiseerde arbeid. Het bedrijf stelt dat naarmate AI werk hervormt, de economische activiteit kan verschuiven: bedrijfs- en vermogenswinsten nemen toe, terwijl de afhankelijkheid van loonbelasting afneemt. Dit zou volgens OpenAI de financiering van sociale zekerheidsstelsels kunnen raken. Het bedrijf pleit daarom voor een herziening van het belastingbeleid, met meer nadruk op belastingen op kapitaal, zoals vermogenswinsten of vennootschapsbelasting, en nieuwe benaderingen zoals belastingen gerelateerd aan geautomatiseerde arbeid. Naast deze ‘botbelasting’ gooit OpenAI meer knuppels in het hoenderhok, zoals een pleidooi voor een universeel recht op AI, een algemeen AI-welvaartsfonds (vergelijkbaar met het Noorse oliefonds), en formele inspraak voor werknemers bij AI-implementaties.

Wat dit betekent

Dit voorstel, hoewel nog geen wetgeving, markeert een belangrijke verschuiving in het denken over de economische impact van AI. Het betekent dat de kosten van AI-automatisering in de toekomst mogelijk niet alleen bestaan uit licentie- of cloudkosten, maar ook uit een vorm van belasting. Voor ondernemers en bedrijven die investeren in AI om processen te automatiseren, kan dit de total cost of ownership (TCO) verhogen. Het voorstel richt zich expliciet op het beschermen van sociale vangnetten, wat impliceert dat overheden op zoek gaan naar nieuwe inkomstenbronnen naarmate traditionele loonbelasting onder druk komt te staan door automatisering. Het pleidooi voor werknemersinspraak betekent verder dat de implementatie van AI-tools in een bedrijf mogelijk meer gestructureerd en formeel overleg vereist, wat de snelheid van adoptie kan beïnvloeden.

Hoe je dit kunt toepassen

De praktische toepassing hangt af van jouw situatie, aangezien dit nog een beleidsvoorstel is en geen wet. Toch is het verstandig om bij toekomstige AI-investeringen rekening te houden met mogelijke regelgevende ontwikkelingen.

Als je een kosten-batenanalyse maakt voor een AI-tool… overweeg dan niet alleen de directe softwarekosten, maar bouw een kleine marge in voor mogelijke toekomstige heffingen. Dit maakt je businesscase toekomstbestendiger. Je zou kunnen beginnen met het labelen van geautomatiseerde processen in je administratie, zodat je inzicht hebt in wat ‘geautomatiseerde arbeid’ in jouw bedrijf precies inhoudt.

Als je AI wilt inzetten om personeelskosten te verlagen… realiseer je dan dat de besparing op loonkosten op termijn mogelijk deels gecompenseerd wordt door andere vormen van belasting. Een mogelijkheid is om niet alleen te kijken naar kostenreductie, maar vooral naar hoe AI je medewerkers kan ondersteunen bij complexere, waardevollere taken, waardoor de productiviteit per werknemer stijgt.

Als je een implementatieplan voor een nieuwe AI-dienst aan het opstellen bent… neem dan het punt over werknemersinspraak serieus. Overweeg om al in een vroeg stadium een werkgroep of feedbacksessie te organiseren met de mensen die met de tool gaan werken. Dit kan weerstand verminderen en leidt vaak tot praktischere implementaties die beter aansluiten bij de dagelijkse werkzaamheden.

Als je op zoek bent naar een duurzaam verdienmodel… kijk dan verder dan automatisering alleen. Het voorstel van OpenAI benadrukt de verschuiving van arbeid naar kapitaal. Dit kan een signaal zijn om te investeren in AI-gedreven productinnovatie of dienstverlening die nieuwe markten creëert, in plaats van alleen bestaande processen te versnellen.

Bron: Emerce